Wet van 24 april 2002, houdende vaststelling van de begroting van de uitgaven en de ontvangsten van het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (XV) voor het jaar 2002
This provision sets the 2002 budget for the Ministry of Social Affairs and Employment and its agency, describes required budget contents, and sets when the law takes effect.
AI-assisted research synopsis — verify against the official legal text below.
- Jurisdiction
- Netherlands
- Instrument
- Act or statute
- Version
- 8 Jul 2014
- Language
- nl
- Official source
- View official record ↗
Statute overview
About this statute
This page preserves the statute’s identified version, provision structure, official source link, and stored legal text for reading and research.
Search within this statute
Search all stored provisions in this version.
Legal text
Provisions of Wet van 24 april 2002, houdende vaststelling van de begroting van de uitgaven en de ontvangsten van het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (XV) voor het jaar 2002
Showing 1 of 1
- document Verify source ↗
Wet van 24 april 2002, houdende vaststelling van de begroting van de uitgaven en de ontvangsten van het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (XV) voor het jaar 2002
AI-assisted research summary: This provision sets the 2002 budget for the Ministry of Social Affairs and Employment and its agency, describes required budget contents, and sets when the law takes effect.
Staatsblad Wet van 24 april 2002, houdende vaststelling van de begroting van de uitgaven en de ontvangsten van het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (XV) voor het jaar 2002 Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten: Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat ingevolge artikel 105 van de Grondwet de begroting van de uitgaven en de ontvangsten van het Rijk bij de wet moet worden vastgesteld en dat in artikel 1 van de Comptabiliteitswet wordt bepaald welke begrotingen tot die van het Rijk behoren; De begroting van de uitgaven en de ontvangsten van het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (XV) voor het jaar 2002 wordt vastgesteld, zoals blijkt uit de bij deze wet behorende begrotingsstaat. De begroting van baten en lasten en van kapitaaluitgaven en -onvangsten van de baten-lastendienst Agentschap SZW i.o. voor het jaar 2002 wordt vastgesteld, zoals blijkt uit de bij deze wet behorende begrotingsstaat inzake die dienst. De vaststelling van de begroting van de uitgaven en de ontvangsten geschiedt in duizenden euro's. De volgende artikelen dan wel leden van artikelen van de Comptabiliteitswet zijn op de begroting voor het jaar 2002 niet van toepassing: a. Artikel 5, eerste, derde, zesde en negende lid; b. Artikel 7. Ter vervanging van de artikelen dan wel van de leden van artikelen, genoemd in artikel 4, gelden voor de begroting voor het jaar 2002 de volgende bepalingen. Begrotingsartikelen worden onderscheiden in beleidsartikelen en niet-beleidsartikelen. De begroting bevat per begrotingsartikel in elk geval de volgende gegevens: a. het artikelnummer; b. de artikelomschrijving; c. bruto het maximumbedrag dat voor het aangaan van verplichtingen in het begrotingsjaar beschikbaar is; d. bruto het maximumbedrag dat voor het verrichten van uitgaven in het begrotingsjaar beschikbaar is; e. bruto het bedrag dat aan ontvangsten in het begrotingsjaar geraamd wordt. De toelichting bij de begroting biedt per beleidsartikel in elk geval inzicht in de met het beleid samenhangende: a. algemene en, indien van toepassing, nader geoperationaliseerde doelstellingen die worden nagestreefd; b. instrumenten die ter bereiking van die doelstellingen worden ingezet; c. meerjarig beschikbare bedragen voor het aangaan van verplichtingen; d. meerjarig beschikbare bedragen voor het verrichten van programma-uitgaven; e. meerjarig beschikbare bedragen voor het verrichten van apparaatsuitgaven; f. meerjarige bedragen die aan ontvangsten zijn geraamd. Het meerjarige inzicht dient, uitgaande van het jaar 2002 als begrotingsjaar, betrekking te hebben op het jaar 2000 tot en met het jaar 2006, dat wil zeggen op de periode lopende van twee jaar voorafgaand tot en met vier jaar volgend op het begrotingsjaar. De toelichting bij de begroting bevat per beleidsartikel; a. doeltreffendheidsgegevens over de in het eerste lid bedoelde algemene en/of nader geoperationaliseerde doelstellingen, alsmede gegevens over de doelmatigheid van het beleid, alle al dan niet verkregen uit beleidsevaluatieonderzoek; b. waar mogelijk doelmatigheidsgegevens, al dan niet verkregen uit beleidsevaluatieonderzoek, voor de in het eerste lid bedoelde apparaats-uitgaven. De begroting kan drie niet-beleidsartikelen bevatten, te weten: a. een begrotingsartikel met de omschrijving Algemeen voor de verplichtingen, uitgaven, en ontvangsten die niet aan een beleidsartikel worden toegedeeld; b. een begrotingsartikel met de omschrijving Geheim voor de verplichtingen, uitgaven en ontvangsten waarvoor geldt dat openbaarmaking via toedeling aan een beleidsartikel niet in het belang van de staat is; c. een administratief begrotingsartikel met de omschrijvingNominaal en onvoorzien. De bij het administratieve begrotingsartikel Nominaal en onvoorzien opgenomen bedragen voor verplichtingen en voor uitgaven kunnen zowel positief als negatief zijn. Ten laste van het begrotingsartikel Nominaal en onvoorzien kunnen geen uitgaven worden gedaan en verplichtingen worden aangegaan; de bedragen worden bij een wijziging van de begroting toegedeeld aan een ander begrotingsartikel en wel zodanig dat in het betrokken jaarverslag de gerealiseerde bedragen bij het begrotingsartikel Nominaal en onvoorzien uitkomen op nihil. De toelichting bij de begroting biedt per niet-beleidsartikel meerjarig in elk geval inzicht in: a. de beschikbare bedragen voor het aangaan van verplichtingen; b. de beschikbare bedragen voor het verrichten van programma-uitgaven; c. de beschikbare bedragen voor het doen van apparaatsuitgaven; d. de bedragen die aan ontvangsten zijn geraamd. Het vierde lid is van toepassing. In afwijking van het zesde lid en in overeenstemming met Onze Minister van Financiën kan de begroting andere niet-beleidsartikelen bevatten. Deze wet treedt in werking met ingang van 1 januari van het jaar waarop de vaststelling van de begroting betrekking heeft. Indien het Staatsblad waarin deze wet wordt geplaatst, wordt uitgegeven op of na deze datum van 1 januari, treedt zij in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van dat Staatsblad en werkt zij terug tot en met 1 januari. Zie voor de behandeling in de Staten-Generaal: Kamerstukken II 2001/2002, 28 000 XV. Handelingen II 2001/2002, blz. 2522–2574; 2577–2590; 2655–2680; 2682–2702; 2728–2736; 2758–2759; 3816–3819; 3891–3892. Kamerstukken I 2001/2002, 28 000 XV (203, 203a, 203b). Handelingen I 2001/2002, blz. 1306. Vaststelling van de begroting van de uitgaven en de ontvangsten van het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (XV) voor het jaar 2002 Begrotingsstaat behorende bij de Wet van 24 april 2002, Stb. 261 Begroting 2002 Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (XV) (in € 1000) (1) Omschrijving Oorspronkelijk vastgestelde begroting(bedragen € 1 000) Verplichtingen Uitgaven Ontvangsten TOTAAL 19 489 739 517 582 Beleidsartikelen 19 243 792 516 856 1. Basisdienstverlening Werk en Inkomen 252 819 252 819 0 2. Stimulering en kwaliteitsbevordering van arbeidsaanbod 1 408 429 1 371 526 38 299 3. Aanvullende werkgelegenheid 1 054 486 1 054 486 0 4. Aangepast en begeleid werken 1 974 210 1 974 936 394 789 5. Algemene inkomensgarantie op minimumniveau 4 537 623 4 537 636 79 412 6. Inkomensgarantie voor Jonggehandicapten 1 459 447 1 459 447 0 7. Inkomensaanvulling voor herkeurde arbeidsongeschikten 7 556 7 556 0 8. Tijdelijke inkomensgarantie voor kunstenaars 47 248 47 248 0 9. Tegemoetkoming in de kosten van kinderen 3 154 499 3 154 499 272 10. Maatschappelijke participatie van gehandicapten 64 809 63 901 0 11. Bevordering van combinatiemogelijkheden van arbeid en zorg 5 841 5 841 0 12. Coördinatie emancipatiebeleid 12 459 19 050 0 13. Verbetering arbeidsomstandigheden 94 617 90 784 4 084 14. Tegemoetkoming asbestslachtoffers 4 186 4 186 0 15. Rijksbijdragen sociale fondsen 2 760 123 2 760 123 0 16. Rijksbijdragen spaarfonds AOW 2 405 256 2 405 256 0 17. Structuur uitvoeringsorganisatie Werk en Inkomen 34 498 34 498 0 Niet-beleidsartikelen 245 947 726 97. Aflopende regelingen 168 803 98. Algemeen 213 408 242 852 726 99. Nominaal en Onvoorzien 2 292 2 292 0 Vaststelling van de begroting van de baten en lasten van het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (XV) voor het jaar 2002 Begrotingsstaat behorende bij de Wet van 24 april 2002, Stb. 261 Begroting 2002 Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (XV) Onderdeel baten-lastendienst (in € 1000) totaal baten (bedragen x € 1000) Totaal lasten saldo baten en lasten Agentschap SZW 20 239 20 239 0 Totaal 20 239 20 239 0 totaal kapitaaluitgaven totaal kaptiaalontvangsten Agentschap SZW i.o. 0 0 Totaal 0 0
Provision text is displayed from LexChat’s stored statute record. Use the official source links to verify amendments, commencement, and current legal force.
Ask AI about this statute
Wet van 24 april 2002, houdende vaststelling van de begroting van de uitgaven en de ontvangsten van het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (XV) voor het jaar 2002
Sign in to ask AI about this statute
Sign in to start authenticated, citation-grounded statute research.
Sign in